Martin Green: 'Songfestival sterk genoeg om uitdagingen te doorstaan'
In dit artikel:
Martin Green, sinds eind 2024 in dienst van de EBU en directeur van het Eurovisiesongfestival, gaf in Der Standard openheid over enkele thema’s rond het festival zonder partij te kiezen voor deelnemers. Als festivalbaas zegt hij neutraal te blijven en heeft hij van veel nummers slechts fragmenten beluisterd; persoonlijk noemt hij Conchita Wurst’s Rise Like a Phoenix uit 2014 als zijn favoriete inzending uit de historie. Conchita heeft dit jaar echter afstand genomen van het Songfestival; Green respecteert haar keuze en prijst de wederzijdse meerwaarde tussen artiest en evenement.
Green combineert zijn huidige functie met de taken van executive supervisor sinds het plotselinge vertrek van zijn Zweedse voorganger Martin Österdahl. Hij benadrukt dat het Songfestival weliswaar niet losstaat van internationale gebeurtenissen — het reflecteert de wereld — maar dat het publiek onderscheid kan maken tussen een publieke omroep en de regering van dat land. Over de Oekraïense overwinning met Kalush Orchestra zegt hij dat die vooral neerkwam op een sterk lied, niet louter op politieke sympathie.
De EBU presenteert zich volgens Green als een democratische ledenorganisatie: besluiten over reglementen en deelnemingen worden genomen via meerderheid. Bij de algemene ledenvergadering in december 2025 gingen de meeste omroepen akkoord met nieuwe stemregels en met deelname van de Israëlische omroep KAN, ook al waren er tegenstemmen uit meerdere landen. Green hoopt dat de omroepen die tijdelijk afhaken terugkeren, maar erkent dat deelnamecijfers fluctueren door wereldgebeurtenissen.
Voor 2026 staan 35 omroepen op de deelnemerslijst — het laagste aantal in meer dan twintig jaar — maar Green noemt dat nog steeds een gezond deelnemersveld en verwacht dat het festival de komende decennia sterk blijft. Tegelijk voert hij gesprekken over mogelijke uitbreiding: Canada voert verkenningen om volledig EBU-lid te worden (een vereiste voor deelname), en Australië blijft een bijzondere partner die al lang betrokken is ondanks geen volledig lidmaatschap. Op de vraag of het Songfestival ooit in Sydney gehouden kan worden, reageert hij pragmatisch: het zou logistiek uitdagend zijn (nachtelijke uitzendtijden) maar principieel geldt het credo “als je wint, voer je het uit” — je krijgt immers slechts 364 dagen om een editie te organiseren.